
A Friends Making Machine
Artist Poster van Monster Chetwynd
Bij de tentoonstelling 'A Friends Making Machine' schreef Monster Chetwynd een tekst, die het museum uitbracht als Artist Poster. In een gesprek met de dieren vertelt de kunstenaar over het concept van de expo. Je vindt de Artist Poster in de gratis bezoekersgids.
Een korte inleiding door de dennenprocessierups:
We zijn in het Middelheimmuseum en kijken naar een interview tussen de kunstenaar Monster Chetwynd en een aantal elementen in het park. Af en toe wordt de kunstenaar licht euforisch, waardoor ze lichtjes boven de grond begint te zweven, vervuld van natuurlijke energie.
Een teek vertelt een verhaal:
Er is een waargebeurd dierenverhaal over een kleine held. Een kind was op vakantie met zijn ouders. De ouders waren aan het vissen op een meer toen hun boot kapseisde. Ze verdronken en het kind bleef alleen en in shock achter. Ten einde raad ging het kind te voet op weg, richting een nabijgelegen stad. De nacht viel, het kind raakte uitgeput en viel op de weg in slaap. De temperatuur daalde onder nul, en het kind zou een gewisse dood gestorven zijn. Maar drie bevers verschenen uit de berm, wikkelden zich om het kind heen, en hielden het de hele nacht warm. Het leven van het kind was gered.
Denk je dat het kind opgroeide met het idee dat zijn ouders onverantwoord waren geweest, of zag het eerder hoe we worden gesteund, verbonden en omringd door de natuur?
Deel van een groter geheel
MCH: Het herinnert ons eraan dat onze mentale en fysieke gezondheid deel uitmaakt van een groter geheel, een wijdere omgeving. Eerder iets als het zonnestelsel in plaats van ons adres met straat, postcode en woonplaats.
De teek: Denk je dat de bevers de ouders zagen verdrinken en dachten: “ze hebben ons hier nodig” en dat ze dan naar het kind zwommen om te kijken hoe ze konden helpen? Of dat ze gewoon in de buurt waren en instinctief handelden om het kind warm te houden?
MCH: Ik weet het niet zeker. Werner Herzog zegt in zijn film My Best Fiend: “De natuur is: moord, geweld en chaos”. Ik werd ooit gebeten door een teek. Rond de beet verscheen een ring: ik had de ziekte. Mag ik op zo’n moment haat voelen? Of word ik dan de “teekvrouw”, gebeten om uit een liefdeloos huwelijk te stappen, waarin mijn ex-partner me als een parasiet steeds verder uitputte tot ik een burnout kreeg. De “teekvrouw” besloot de rest van haar leven te wijden aan de positieve relaties die haar wél steunen. “Teekvrouw” ging haar eigen weg.
De teek: Dus je zegt dat zelfs als zowel niet-menselijke als menselijke dieren “moord, geweld en chaos” veroorzaken, er toch een manier is om richting iets positiefs te bewegen? En wat dan met de heldhaftige bevers?
MCH: Ik werk op basis van intuïtie en instinct. In mijn kunstwerken en performances hecht ik grote waarde aan vriendschappen en verbindende momenten. Dat doe ik nu al dertig jaar. Ik weet dat wat ik bouw helend en holistisch kan zijn, een soort tegengif voor veel moderne sociale problemen. Maar mijn werk blijft wel sterk afhankelijk van een doe-het-zelfmentaliteit.
De teek: Je praat over netwerken van zorg die het individu overstijgen. Hiervan zie je veel voorbeelden in de natuur. Denk aan symbiotische relaties, zoals tussen bomen en schimmels. Er is ook de stille genezing wanneer een (niet-)menselijk dier zoals jij een middag onder de bomen zit en zich ver verwijderd voelt van de dagelijkse sleur. Je bent bang van mij omdat ik het beeld van het “landschap” als iets rustigs en onschuldigs onmogelijk maak.
Ik ben de moordenaar, het geweld en de chaos. Ik ben de teek. Ik kan je bloed drinken en ziektes verspreiden. Ik belichaam de dreiging van horror, de honger en de lelijke vlek die de mens is. Hoe genees je dit, jij magische, hoopvolle performancekunstenaar?
MCH: Ik kan ‘het kwaad’ onmogelijk oplossen. Ik kan wel een moment creëren waarin je je verbonden voelt met positieve mensen, gelach en nieuwsgierigheid. Waarin je kunt voelen hoe je samen problemen oplost en beseft hoe dit moment een morele boost geeft. Een pauzeknop in het zware leven. Ik bied geen levenswijze aan die voor altijd werkt. Ik bescherm een kort moment, waarin we samen zijn, even buiten de sociale regels en onze gebruikelijke rollen.
Zo bouwen we onzichtbare draden van een materiaal zo sterk en mysterieus als een spinnenweb, waarmee we elkaar aanzetten om te lachen, dichtbij te zijn, vriendschappen te sluiten en te delen met elkaar.
De teek: Wat gebeurt er dan precies?
MCH: Met mij praten is een beetje als in een bekerplant stappen. Ik heb een manipulatief kantje: ik vertel je een verhaal en wek je interesse, en voor je het weet vraag ik of je wil meedoen aan een performance of workshop. Mime bijvoorbeeld. Of iets met een handpop. Dan prikken we een datum voor een korte repetitie. Zodra je wegwandelt, voel je misschien al lichte paniek dat je hebt toegezegd. Maar ook nieuwsgierigheid, zin in iets nieuws en onverwachts.
Later tijdens de repetitie merk je hoe goed je kunt acteren. Je had nooit gedacht dat je dit zou doen! Je voelt je licht, absurd, een beetje gek en vooral gelukkig. Ik ben er de hele tijd, met mijn glimlach, steun en positieve feedback. Gelukkig ben ik geen slecht mens. Ik wil gewoon dat er meer gelachen wordt, dat mensen autonomie en plezier voelen zonder dat ze moeten uitleggen waarom.
De teek:
Dat klinkt geweldig! Ik doe mee.
MCH:
Maar niet om bloed te zuigen, begrijp je?
De teek:
Nee, ik kom pas meedoen als ik mijn jongen heb achtergelaten, vlak voordat ik sterf.


Een tentoonstelling in een park
Het water in het park vraagt:
Wat is er zo bijzonder aan je project?
MCH: Vooral dat het in openlucht is. Het sluit aan bij de wens en het plezier om kunst te maken die werkt tussen hoge bomen, wisselend weer en steeds veranderend licht. Ik durf niet te zeggen dat het bijzonder is. Ik zie dat het theatraal, kleurrijk en speels is. Ik zie hoe het zich aandachtig verhoudt tot de natuur en tot de relaties tussen soorten. De keuze om niet in het theater te spelen maar in een bos of een park doet me denken aan de schilderijen van Watteau. Ik stel me de voorstelling zo voor: een kleine groep mensen in kostuums, ontspannen en toch ‘gecontroleerd’. Geplande acties worden doorweven met een soort kalmte, het betoverend gevoel van eenvoudigweg in het park zijn.
Het water:
Probeer je de barrière tussen spektakel en toeschouwer altijd te doorbreken?
MCH: Ja, deze keer heb ik samen met het curatorenteam verschillende manieren bedacht waarop het publiek kan deelnemen. Sommige elementen zijn vrijstaande sculpturen waar je tussen of rond kan lopen. Ze kunnen ook dienen als stukken van een soort ontploft theater die met elkaar interageren in een geplande productie. De voorstellingen worden vooraf aangekondigd, zodat het duidelijke momenten zijn die barsten van energie. Daarnaast zijn er participatieve workshops die voortvloeien uit de ideeën en thema’s in de show. Salamanders kunnen bijvoorbeeld lichaamsdelen, zelfs organen, terug aangroeien. We maken daarom kostuums om dit te vieren.
De wind tussen de bomen vraagt:
Hoe wordt de nieuwe ingang van het park gevierd? Hoe wordt de Salamander Portal geopend, geëerd en gebruikt?
MCH: De poort is een rond stenen portaal met gebeeldhouwde patronen. Het lijkt een beetje op een sciencefictiondeur die toegang geeft tot alle mogelijke opties. Binnenin zit een metalen hek met vormen als bubbels en kleine gekleurde glazen cirkels die omhoog lijken te zweven. De hele structuur staat op het nieuwe vlonderpad en heet bezoekers welkom. Het ontwerp nodigt mensen uit om binnen te komen en van het park te genieten.
De poort werkt in twee richtingen: om binnen te komen en om weer te vertrekken. Salamandersculpturen klimmen op de steen en staan op het pad, aandachtig in beide richtingen kijkend. ’s Nachts wordt de poort afgesloten. Als onderdeel van de openingsceremonie op 16 mei hebben we een salamanderperformance gepland.
De wind: Kan je nog iets vertellen over de samenwerking met de kinderen en jongeren? Je hebt op een bepaalde manier met hen samengewerkt, toch?
MCH: Ik wil er niet te veel over vertellen, omdat het om een privéproces gaat. Maar laat het duidelijk zijn; ja, ze hebben bijgedragen, en ik vond hun aanwezigheid heel waardevol.


Salamanders
De wind: Je kan de salamanders zien als symbool van vernieuwing, zeker in relatie tot het portaal. Hier zijn het sculpturen, maar ze verschijnen ook in een performance.
MCH: Jij weet echt alles hé, wellicht omdat je een natuurelement bent. Ik was enthousiast over het idee: een rond portaal, bedekt met salamanders, alsof ze de bewakers van de poort zijn. Wat me fascineerde is het feit dat salamanders niet alleen hun staart opnieuw laten aangroeien, zoals hagedissen, maar ook belangrijke organen – en zelfs delen van hun hersenen. De feedback van de kinderen was: “Meer sprookjesachtig, minder eng”. Dus heb ik geprobeerd de poort zo kleurrijk en licht mogelijk te maken, ook al is het een permanente constructie van metaal en steen.
De mollen vragen: Hoe worden onze molshopen gevierd?
MCH: Eerst moet ik ze doorgronden. Is er een systeem? Zijn ze net zo georganiseerd als naakte molratten, de enige zoogdieren die in een burcht leven? In mijn hoofd zie ik een kaart van wat er onder de grond gebeurt, en hoe de hopen boven de grond met elkaar verbonden zijn. Ik kan me voorstellen dat ik naar heuvels kijk en er overheen spring, zoals bij haasje-over. Maar ik weet niet of jullie dat vervelend vinden. Ik weet ook nog niet wat jullie wél leuk vinden. Ik kan wel al ergens beginnen en proberen om de Atlas van de Onzichtbare Feiten (feiten en infographics waardoor je de wereld anders gaat zien) te lezen, en te kijken of molshopen patronen vormen die ik begrijp.
De schimmels: Wat wil je weten?
MCH: Ik heb wel eens een magische ring van paddenstoelen gezien op een open plek in het bos. Een avontuurlijk schouwspel zonder publiek. Ik heb het gevoel dat mijn performances ook een soort netwerk van onzichtbare steun creëren in de vriendengroep. Ik voel me ook verbonden met de geschiedenis van bewegingen die religieuze dogma’s afzweren en andere groepen die we ons amper herinneren. Ooit stonden ze voor positieve, levendige, nietmenselijke dieren die er een interessant leven op nahielden. Ik zou willen weten of deze ‘friends making machine’ die de performances lijken te zijn, voor jou ook zichtbaar is. Zie je de kleine draadjes van warmte, humor en voldoening in mijn voorstellingen? Of zie je alleen de eenvoudige cirkel waarin we op het gras staan, klaar om te dansen?


A Friends Making Machine
De schimmels: Wat is het concept achter de titel: A Friends Making Machine? Bestaat die alleen tijdens de performances en workshops met jou, of ook in de installaties, en zelfs buiten de voorstelling? Is het iets dat mensen achteraf meenemen?
MCH: Ja, dat is het precies. De verbindingen die ontstaan tijdens de performances, bij de voorbereiding, tijdens het live moment en daarna zijn als fi jne draden met elkaar verweven. Dit bijzondere ‘materiaal’ voelt gewichtloos en nietbeperkend, maar geeft toch een sterke ondersteuning. De herinnering aan het moment waarop je beseft dat je deel uitmaakt van de groep, roept een gevoel van verbondenheid en gemeenschap op - maar dan zonder belastingen, contracten of constant afwegingen maken. Het is tijdelijk. Het bestaat alleen op dat moment. Zodra je besluit mee te doen aan het “spel”, is het enkel en alleen mooi, hypnotiserend en betoverend.
De modder vraagt: hoe wordt je onderzoek levend, een soort tonicum dat mensen helpt om goede ervaringen en gelukkige herinneringen op te doen?
MCH: Ik werk met verhalen en meng verschillende verhaallijnen. Mensen hebben bijvoorbeeld gezien dat olifanten begrafenissen houden voor hun doden. Dat ontroert mij. Het laat zien dat niet-menselijke dieren meer bewustzijn hebben dan wat ik ze meestal toeschrijf. Ik zou graag handpoppen maken die een olifantenbegrafenis naspelen. Het zou langzaam en melancholisch zijn. We zouden het niet in woorden uitleggen. De tijd en moeite die we in het maken van de kostuums en poppen steken, zou al veel duidelijk maken voor het publiek. Ik zou deze actie naast een ander verhaal plaatsen, misschien het oorsprongsverhaal van Dr. Dolittle, of het idee dat het latex poppenkostuum van Jabba the Hutt langzaam uit elkaar valt en veroudert omdat het biologisch afbreekbaar is.
De modder: Het klinkt te ingewikkeld. Begrijpt het publiek wel wat je wil zeggen?
MCH: Ja. Voor de performances maak ik kleine boekjes. Ze staan vol met collages van afbeeldingen, verwijzingen en credits die belangrijk zijn om te delen. Meestal staan er muziekcredits in en soms ook teksten die worden gesproken. Maar je hebt gelijk: de mime en het poppenspel vragen een sprong in het diepe van het publiek. Ik heb gemerkt dat er een intuïtieve band is met het publiek. Op een verrassende manier weten mensen vaak de verborgen boodschappen te vinden.
De rode vos: Je gebruik van collages en papier-maché spreekt me echt aan. Collage is natuurlijk meer dan alleen maar materialen toevoegen. Het is een speciale manier om betekenis en verschillende lagen te creëren. Klopt dat?
MCH: Mijn gebruikelijke manier om verhalen te vertellen is via mime en collage. Ik hou van het concept van de bricoleur, en evenzeer van dat van andere culturele helden zoals Michael Batkin.
De rode vos: Claude Lévi-Strauss zegt dat ‘wilde gedachten’ (la pensée sauvage) complex en concreet zijn. Ze maken gebruik van zintuiglijke, lokale details – zoals mythen en natuurlijke categorieën – om de wereld te begrijpen. Het lijkt op wetenschappelijk denken, waarbij andere, ‘wilde’ methoden worden gehanteerd.
Een vlooi in de pels van de vos roept: Lucy Cooke! Heb je ‘Bitch’ gelezen?
De rode vos: Lévi-Strauss beschrijft deze manier van denken als bricolage, zoals een bricoleur structuren bouwt met materialen en symbolen die voorhanden zijn.
De rode vos: De vleermuizen zijn in het park misschien ook gesprekspartners, niet? Misschien willen ze wel over zichzelf praten. Of ze kunnen je de kans geven om te praten over speelsheid versus punk, of over dingen doen op hun eigen voorwaarden.
MCH: Ik hou van vleermuizen! Rode Vos, je bent zo betoverend dat ik me niet meer op je vraag kan concentreren. Wil je met me dansen?


